IK NEEM ALTIJD MOEILIJK AFSCHEID VAN OUDE SCHOENEN. ZE HEBBEN ME OP ZOVEEL PLAATSEN VERGEZELD. WAAR IK WAS, WAREN ZIJ OOK. NIEUWE SCHOENEN WETEN VAN NIETS. ZE LOPEN MET JE MEE ZONDER OOK MAAR IETS VAN JE VERLEDEN AF TE WETEN. IK INFORMEERDE NAAR DE PRIJS. LICHTBRUINE SCHOENEN MET EEN MOOIE PUNT VOORAAN.ACHTTIENDUIZEND FRANK ZEI DE JUFVROUW. DAT WAS EXACT DEZELFDE PRIJS ALS DESTIJDS VOOR MIJN VESPA EN DIE REED MIJ ZO GOED ALS VOOR NIKS WAAR IK OOK MAAR HEEN WILDE. IK BEN DAAR NOG ALTIIJD OVER AAN HET NADENKEN. JOS.

Nadenken is een kunst, zeer moeilijk.
Jos, Waarom in hoofdletters geschreven, ben je boos ?
Mijn groeten. Roger.
Er zijn ook mensen die hun schoenen een halve eeuw in de kast hebben laten staan en ze dan plotseling aantrekken om er, voor het eerst in hun leven, eens fors mee in plassen te trappelen. De omstanders juichen: hoera, er valt wat te beleven. Maar al snel is de aandacht voorbij. Thuisgekomen zien de trappelaars in het licht van de nietsontziende lamp, dat het modderwater hen tot over de knieën reikt. Als schoenen mondjes hadden, zouden ze daar vermoedelijk luid om lachen.