Eigenlijk durf ik het nog niet luidop zeggen want het was zo iets tussen ons twee, zo heel intiem. Ik voelde dat het eigenlijk nog te vroeg was maar het lag aan hem, niet aan mij. Hij zat op anderhalve meter van mij af en hij zag zo goed als ik dat het zelfs nog een beetje sneeuwde. Van die twijfelsneeuw, zo van “ik zou wel willen maar ik ben er niet zeker van”. Niet alleen de sneeuw was er niet zeker van. Hijzelf ook niet. Ik helemaal niet. Maar hij deed het. Je hoort mij niet zeggen dat hij floot, hij probeerde zomaar iets, voor zichzelf. Heel stilletjes. Iets dat hij zich misschien nog vaag herinnerde van vorig jaar.Proberen was het. Meer niet. Hij geneerde zich niet voor mij. Ik bleef stilstaan. In de friezelsneeuw. En hij bleef zitten kijken naar mij. Onverschrokken. Best mogelijk dat hij zich mij ook nog herinnerde. Ik was die man die altijd bleef staan om naar hem te luisteren. En die ’s avonds wachtte tot hij helemaal aan het eind van zijn programma was. Dan was de zon al ondergegaan. En dan wachtte hij tot die andere merel – ergens heel ver – nog één keer terugfloot. Zo om te zeggen “wie van ons twee fluit vanavond het laatst ?” Pas daarna was het echt avond. De lenteavond. En daarna de zomeravond. De statistieken zeggen dat de vroegste merel op 22 februari opnieuw begint te fluiten. Maar welke merel leest een statistiek ? Het wijfje heb ik nog niet gezien. Morgen of zo zit dat op het gazon. Huppelt het een beetje heen en weer. Alsof het niet weet waar het om gaat. Vrouwen hebben dat. Vrouwtjes fluiten ook niet. Die willen eieren leggen . Zonder tijdverlies. En jongen krijgen. Hij zal dan wel de flierefluiter uithangen. En ojee wanneer er een merel van tien tuinen verder op haar gazon zal komen, dat is niet meer fluiten, dat is woeste dorpsfanfare.
Het moet allemaal nog beginnen. Ik denk dat hij er te vroeg bij is geweest. Hij is zoals ik, ik durf het woord ‘voorjaar’ nog niet schrijven. Maar ik héb de merel gehoord. Ik zweer het u.
JOS .

Heel voorzichtig.
‘k Heb kriebeling in mijn buik.
Zijn het late valentijns kriebels,zijn het onbekende kriebels,in elk geval aangename kriebels.
Hoera,de merels zijn in aantocht,ja,ja …
Het zijn de lente kriebels..lente…lente…
De kievit is ook welkom,om te zingen in het merelkoor.–(zie eind muziek partituur.)
Mijn groeten. Roger.
ach jos,je hebt altijd van die vroege vogels,aanstellerij,niks van aantrekken,deze morgen om 4 uur,floten er ook vogels in’t parkje,achter ons stadstuintje,waarschijnlijk een kat in aantocht,dan fluiten vogels ook,zeggen ze,of anders ook een aansteller,wie zal het zeggen,
Mooi verhaal Jos,het begon een beetje geheimzinnig en plots wat die merel daar.Het deed mij met weemoed denken aan het merelpaartje dat wij vroeger in de tuin hadden.Dat het was een beetje triestig.Wat kon dat mannetje zingen;prachtig gewoon,een krachtig vogelstemmetje.S’Morgens zong hij ons het bed uit.In de week was dat niet erg maar in het week-end had ik toch graag even zijn gele bekje vastgeplakt hoor.Het schijnt dat merels zeer trouw zijn evenals zwanen,hun leven lang.Moest ik kunnen schrijven zoals jij,zou ik er over vertellen.t’Is een simpel verhaaltje.Maar door iemand geschreven zoals jij zou het goed klinken.
Ik wens je in de lente en de zomer die toch eens zal komen,veel “merelzang-genot” toe. Groetjes van Yvona
wij zitten met een verkeerd geprogrammeerd vogelke,een uitslover zeg maar,om 4 uur was het er weer,raar maar waar
bestaan er gekken die om 4 uur s’nachts het geluid van een vogelke komen nadoen onder mijn vensterraam?moet ik nu voorzichtig zijn?ja,’t vogelke was er weer
Gek ? ? ?
Oei,oei,ben betrapt.
Onder je venster was ik het,dat het geluid van het vogeltje probeerde na te doen,of was het soms den “Jos”die onder je venster aan het fluiten was ?
Ja,Mieke,er bestaan gekken,..ha,ha,ha…
Oei,ben aan het gekken..oei….oei.
Mijn groeten.Roger.
Dankjewel, Jos, Wat is dit toch weer prachtig beschreven en geschreven.
Hier hoorde ik voormiddag ook een voorbode van de lente… ik twijfelde tussen een merel of een lijster.Ook de vinken laten aarzelend van zich horen.
De ransuilen (soms wel tien) blijven onverstoorbaar zitten,overdag in de oude kerselaar.Hopend op een straaltje zon om zich in te koesteren.
Het eekhoorntje was hier eergisteren ook en 2 fazantenmannetjes komen eten in gezelschap van hun 8 vrouwen.
Nog even wachten dus… maar de lente komt écht.
Voorzichtig.
Terug bijna lente.
Voor mij reeds 65 jaar.
De lente,nooit hetzelfde,altijd anders,maar toch lente.
Nooit word ik het moe.
Zo is het heel goed.
mijn groeten. Roger.
Ze is er inderdaad nog niet, maar ge voelt ze aarzelend komen, die nakende lente. Vogels in mijn tuin! Zovéél! Mijn zestigste lente. Voelt zo fris aan als een van de eerste!
Veel dank voor uw mooie hoopvolle lenteboodschap!
d’ju
Merels….lentekriebels…maar ook de maartse buien zijn daar.
Maar de lente is toch in aantocht…hoera…
Mijn groeten. Roger.
naturlijk is de lente in aantocht,ik weet het want ik ben jarig geweest,en zoals héééééél vroeger,was mijn verjaardag de eerste echte lentedag,het vierurenvogelke is er af en toe nog,of slaap ik terug vaster en hoor ik het niet meer altijd,wie zal het zeggen,maar binnenkort zitten we terug buiten op een of ander terras,genietend van een goed glas wijn,hoop doet leven
Lente.
Mieke.eerst en vooral,een gelukkige verjaardag.
Plezierig te verjaren,met de lente in het zicht.
t’Is toch niet op 29 februari ? ? ?
Nog wensen voor héééééél vele verjaardagen.
N.B. Vraag mij af..Waar zijn al onze Jos bloggers gebleven ?
Bijna vergeten…Jos mijn lentegroeten.
Mijn groeten. Roger.
neen roger,daar ben ik op een(h)jaar na aan ontsnapt,stel je voor,maar één keer op vier jaar feest,ik moet er niet aan denken