Was ik nu nog een kleuter van vier dan had mijn vader voor mij een studiebeurs kunnen aanvragen. Weeral iets waarvoor ik te laat kom. Mijn vader heeft niet in mij kunnen investeren. Met alle gevolgen van dien. Mijn verblijf op de schoolbank bij Zuster Hedwige had geld kunnen opbrengen. Niks dus. Wij hebben het als kleutertjes hard gehad. Wel vertelde op een dag de onderwijzer, een paar klasjes hogerop, dat de slimste jongen van de klas zou mogen deelnemen aan een heel bijzonder examen. “Het Examen voor het Fonds der meest Begaafden”. Mocht hij slagen dan kon die voortaan gratis verder studeren. Tweemaal helaas, ook die steun is aan mijn vader voorbiigegaan.
Niemand van ons wist wat het woord “Fonds” eigenlijk betekende. Pas vele weken later, toen de meester officieel mededeelde dat Fons van de beenhouwer de grote uitverkorene was geworden, begrepen wij hoe de vork aan de steel zat en wat de meester eigenlijk gezegd had. Hij had toen al geweten dat Fons de meest begaafde zou worden. Fons en niemand anders.
Sedert die dag heeft dan ook niemand van ons hem nog gewoon Fons durven noemen. Uit puur respect sprak iedereen voortaan, van “Fons-de-meest-Begaafde” zoals de meester het ook gezegd had. Je hoorde zelfs dat Begaafde met een hoofdletter moest geschreven worden. Doodgewoon “Fons” zoals vroeger zou niet meer gekund hebben. Hij was meer dan dat geworden. Hij stond nu ook ver boven ons want door dat examen waren wij vanzelfsprekend plots ook de minder begaafden geworden. Niemand van ons heeft dat trouwens ooit ter discussie opgeworpen.
Fons is zijn nieuwe titel ook nooit meer kwijtgeraakt. Wanneer we jàren en jàren later toevallig nog eens iemand uit dat klasje tegen het lijf liepen, werd altijd de vraag gesteld: “En van Fons-de-meest-Begaafde, heb je daar nog iets van gehoord?” Onder de oorlog was de familie uit de stad verdwenen en niemand heeft ooit kunnen achterhalen waarheen. Helaas ook niet wat de financiering door dat Fonds eventueel had opgeleverd.
Vorige week nog ontmoette ik een klasgenootje van ‘destijds’. Je somt dan op wie er wél nog zijn en wie er al niét meer zijn. En ook toen vroeg de ander: “En Fons-de-meest-Begaafde” zou dié nog leven?” Want zo een Fonds biedt natuurlijk geen garanties. Soms blijven de minder begaafden over.
JOS.
