Vooraan de jaren ’50. Het N.I.R. op het Flageyplein in Elsene. Waar je ook liep, je liep over indrukwekkend plechtig rood tapijt. Geluidloos. En daar binnenin als absoluut hoogtepunt de Heiligste Plaats van het Huis : Studio Vier. De grote concertstudio. En ik , die er pas was gearriveerd. Ik vond er nog niet eens mijn weg. Mijn baas moet gedacht hebben, die nieuweling ga ik eens uitproberen en hij zei langs zijn neus weg: “Morgenavond is er een galaconcert in de 4. Het Symfonieorkest wordt gedirigeerd door een gastdirigent, een Italiaan. Jij doet de presentatie en je volgt de voorlaatste repetitie en dan de generale en dan de uitzending live. OK ?” Dit laatste was niet als een vraag bedoeld, het was “Befehl ist Befehl!”
Er is niets zo fascinerend als een groot Symfonieorkest bezig horen met het stemmen van de instrumenten. Jammer dat ze dat nooit uitzenden. Ik ging de dirigent groeten. Piero Gamba. Als het wonderkind Pierino had hij op zijn twaalfde de grootste orkesten van Italië gedirigeerd. Een vriendelijke man die er meteen wilde invliegen. Geen getreuzel. Klaar met stemmen? Daar gaan we !
In de uiterste hoek op het podium zat Mireille Flour, een zeer imposante dame die de harp bespeelde . Een vervaarlijk groot instrument dat indrukwekkend hoog rechtop tussen haar beide wijd uit elkaar gespreide knieën stond. Iedereen klaar ? Repetitie ! Welk stuk er gespeeld werd, ben ik vergeten maar al spoedig bleek dat de componist voor de harp hooguit drie keer een korte tussenkomst had voorzien en die wilde Mireille Flour dan ook niet ongemerkt laten voorbijgaan. Ze deed het blijkbaar iets te luid naar de zin van de dirigent. Gamba klopte nerveus met zijn dirigeerstok op de houten lessenaar en hij riep in zijn unieke kruising van Provençaals Frans en Italiaans naar de soliste: “Madame, madame , ‘doucemang’ s’il vous plait ! ‘Doucemang’ ! “ Hetgeen moest betekenen “een beetje stiller asjeblief”. Hij draaide de partituurbladen om en begon van vooraf opnieuw. De spanning steeg toen het harpmoment naderde. Weer te luid en weer kletste de stok op de lessenaar. Derde keer, goede keer. Helaas niet . En toen moet Piero het op zijn Italiaanse heupen hebben gekregen want ineens gooide hij zijn dirigeerstok naast zich neer en riep luidkeels: “Madame, madame, vous avez un’ strumento merveilloso entre vos jambes mais il faut jouer ‘doucemang’ ! “ Het was de eerste en de enige keer dat ik een volledig symfonieorkest heb zien plat gaan liggen. De mannelijke musici kwamen niet meer bij. Diezelfde avond, een nokvolle Studio 4 , met le tout Bruxelles in de plechtige rode zetels , de notabelen op de eerste rij. De harp was perfect en er heeft niemand gelachen. Klassieke muziek heeft haar geheimen.
JOS .
