
Roel jongen, de kermis was van het jaar niet zo leuk als vroeger. Alles was er hoor, daar niet van. De schiettent, de smoutebollenkraam, de botsauto’s, de raket die je loodrecht de lucht inschiet, de goudvissen, alles. Het ouwe treintje van vroeger zelfs nog. Met de “floche”. Eén rit gratis voor wie de handigste is. Bij de levende paardjes keek een kleine schimmelpony naar me. Met heel grote ogen. Alsof hij vroeg : Is hij er niet bij? Het zou nog te vroeg voor je zijn geweest. Volgend jaar misschien. En daarna. Het had nog allemaal moeten komen. Opa zou je geleerd hebben hoe je met één heel snelle truc meteen de voorbij zwemmende eendjes uit het water kon halen. We zouden samen de punten tellen. Een 5 en een 3 en drie keer een 2 en nog twee keer een 1. Dat is samen 16. Dan mocht je kiezen maar het werd toch altijd een cowboypistool . Of misschien ook wel een elastieken band met Indianenpluimen. Was je meteen Winnetou. Bij het allerkleinste molentje ben ik ook lang blijven staan kijken. Dat zou volgend jaar misschien al wel iets voor jou zijn geweest. En daarna zou dan de eerste échte carrousel komen. Die met de kleine autootjes en de giraffen en de zwijntjes. En daarna zou de héle grote komen , met de paarden die op en af galopperen. En dan eindelijk de échte, de levende paardjes. Ik denk dat jij een witte schimmel zou kiezen. Zou kiezen want het is allemaal “zou” geworden. Jongen, jongen toch, bij de touwtjes-tent heeft opa zich bijna een ongeluk geschrokken. Je weet wel, waar een paar honderd touwtjes naast elkaar hangen. Je kunt niet zien wat er beneden aan de touwtjes vast zit. De tent van de grote suspens. Tien euro kostte dat dit jaar. Opa moet verdomd oud zijn geworden want hij herinnert zich nog de tijd dat het een kwartje kostte. Tien euro. Of het geld op je rug groeit. Maar ja, met wat geluk haalde je dan ook wel een pluchen beer van anderhalve meter naar boven . Maar je kan ook beteuterd naar een pakje kauwgom staan kijken. Met iedereen om je heen. Weet je Roel, dat ik daar bij die touwtjes midden al die loeiende kermismuziek wel een kwartier heb staan nadenken? Of was het dromen? Ik besefte ineens dat jij het verkeerde touwtje in het leven had getrokken. Een heel klein kort touwtje slechts. Daar stond opa aan te denken. En daar werd hij te midden van al die loeiende muziek plots heel verdrietig van. Weet je, bij ons thuis, op de kinderkamer bij opa en oma , ligt er nog altijd een hele dierentuin bij elkaar. Apen, beren, tijgers, giraffen, zelfs een leeuw die zo groot is als een échte leeuw. Die hielden allemaal de adem op tot jij zou komen. De leeuw heeft nu het hoofd een beetje laten zakken. Zelfs pluchen dieren weten veel meer dan een mens denkt. Ik zal ze allemaal goed verzorgen. Voor je broertje of voor je zusje dan, later. Maar ze zullen toch altijd van jou blijven . De dieren van Roeleke. Ik zal zeggen dat zij ermee mogen spelen . Dat jij dat gezegd hebt. Dag jongen. Dag Roel.
JE OPA .
