Jos Ghysen Rotating Header Image

10 mei 1940

VliegtuigAls de dag van gisteren voor het jongetje dat toen veertien was. Er gingen intussen 66 jaar overheen. Voor de man van tachtig nu.

Kwart voor vier in de ochtend van 10 mei 1940. Met vijftig andere jongetjes als internen  in een college vlak bij de Nederlandse grens. Op kostschool heette dat. En het kostte je aardig wat. Het kostte je je vrijheid, je eigen beslissingsrecht, je eigen willetje, je àlles eigenlijk.

Begin september ging je door een indrukwekkend  grote poort naar binnen en pas twee maanden later mocht je voor het eerst weer door die poort  naar buiten.  Voor drie  dagen naar huis. Met Kerstmis zelfs voor zeven dagen. Had je nodig om je ouders weer te herkennen.

De ochtend van 10 mei 1940. Kwart voor vier. Of de aarde uit elkaar spatte. Het geluid van machinegeweren en van inslaande bommen maar  omdat 66 jaar geleden nog geen mens dat op de televisie had gezien wist je niet precies wat er aan de hand was. Misschien de hel die uit elkaar gespat was.

Het dorp wordt gebombardeerd riep iemand. Het is oorlog riep een ander. De dokter ligt onder het puin van zijn huis, krijste een vrouw die over het aardeweggetje naast de school rende. De dag tevoren waren we met zijn allen nog op bedevaart naar Zutendaal gemarcheerd. Voor de Vrede. Dat had dus niet geholpen. Vermoedelijk had niemand  tegen Hitler iets over die bedevaart gezegd , dus die kwam gewoon.  Het gekke was, wij waren niet  eens  bang, Wij waren enthousiast. Er gebeurde  wat. We zaten met  drie vier  op de brede vensterbanken van de slaapzaal, vier hoog, in de loge. En we keken naar vliegtuigen die heel laag kwamen oversuizen , op elkaar vuurden en dan  pijlsnel op hun linker flank terug in de wolken verdwenen. En daarna kwamen  weer andere toestellen, trage toestellen waar je in de heldere lentemorgen luiken in de metalen buik zag opengaan waaruit bommen vielen. Kijk, die bommen vallen schuin. En ze hebben vleugeltjes bovenaan, zie je?  De chaos toen plots zwarte rook een immense paddestoel in de lucht ging vormen. Toen het stil werd  gleden ineens geluidloze vliegtuigen voorbij. Hoe kan dat nu? Die vliegen ook en je hoort ze niet.  Die toestellen  waren bezig geschiedenis te schrijven maar dat wist  toen nog niemand. Die gleden nog een eind verder tot boven op het nooit en door niemand in te nemen  Fort van Eben Emael dat binnen een wip en een hup werd ingenomen door het speciaal daarvoor maandenlang getrainde korps Duitse parachutisten.

De ochtend van 10 mei 1940.  De ochtend waarop iets gebeurde dat geen van die vijftig jongetjes ooit had kunnen dromen.  De grote poort van de kostschool werd wijd opengezet en de Directeur in hoogsteigen persoon zei dat we mochten  “gaan lopen, zo hard en zo ver we maar konden ; weg van deze plaats van verderf “.  Niet eens inpakken en weg wezen. Gewoon weg wezen. We renden de steenweg over , het dorp uit, het heideplateau op. Waar lopen we  naar toe? Naar huis hé!  Wat had je gedacht ?  Het waren 32 kilometer en om  vier uur  was ik thuis. Vanaf die dag ben ik altijd blijven beweren dat ik op 10 mei 1940 door de Duitsers werd bevrijd.  Vier jaar later gebeurde dat weliswaar nog eens opnieuw, door de Amerikanen die keer, maar dat was toch iets anders. Dat had je verwacht,  je wist dat die  ooit zouden  komen. Maar de Duitsers , die kwamen bij complete verrassing. Die kwamen voor die vijftig jongetjes als een geschenk uit de hemel gevallen Ik mocht meteen naar een andere school.  Als er weer eens iets gebeurt;  zei mijn moeder, dan is hij op vijf minuten thuis.
Wat er de vier jaar later op de dag van mijn tweede bevrijding gebeurd is, dat durf ik niet te vertellen want dat gelooft toch geen mens. Er zijn nog een paar levende getuigen  overgebleven maar ook die zwijgen. Het verhaal is té onwaarschijnlijk om écht te kunnen gebeurd zijn. En nochtans.
Misschien over vier jaar.

Leave a Reply